EEN BLIK IN DE DIEPTE: Hoe de ondergrond vorm gaf aan de Vlaamse Ardennen
Hoofdstuk 1: Situering Vlaamse Ardennen
1.6. LANDGEBRUIK
1.6.1. Algemeen
De Vlaamse Ardennen zijn een uitgesproken landelijke streek. De meest recente gegevens over het landgebruik, afkomstig uit 2022 en gebaseerd op satellietbeeldinterpretatie, worden weergegeven in kaart 12 en samengevat in tabel 5. Ongeveer 70% van het gebied wordt gebruikt voor rurale doeleinden, voornamelijk akkerland en weilanden. Toch is ongeveer 17% in gebruik voor bewoning, (sub)urbane economische activiteiten en recreatie. De bosoppervlakte is met 7% vrij beperkt, maar wel goed verspreid over de regio. Samen met talrijke kleinschalige landschapselementen zorgt dit voor het karakteristieke bocage-uitzicht van het landschap. Met bijna 5% neemt ook de transportinfrastructuur een opvallende plaats in.

(AANDACHT: om de kaart te bekijken of downloaden in hogere resolutie, klik op de kaart)
Tabel 5. Landgebruiksklassen in 2022
| Nr. | Landgebruiksklasse | ha | % | |
| 1 | Huizen en tuinen | 7.301 | 12,2 | |
| 2 | Industrie | 1.010 | 1,7 | |
| 3 | Commerciële doeleinden | 185 | 0,3 | |
| 4 | Diensten | 460 | 0,8 | |
| 5 | Transportinfrastructuur | 2.916 | 4,9 | |
| 6 | Recreatie | 902 | 1,5 | |
| 7 | Landbouwgebouwen en –infrastructuur | 256 | 0,4 | |
| 8 | Overige bebouwde terreinen | 1.007 | 1,7 | |
| 9 | Overige onbebouwde terreinen | 1.381 | 2,3 | |
| 10 | Actieve groeves | 25 | 0,0 | |
| 12 | Bos | 4.329 | 7,2 | |
| 13 | Akker | 23.307 | 38,9 | |
| 14 | Grasland in landbouwgebruik | 12.331 | 20,6 | |
| 15 | Struikgewas | 292 | 0,5 | |
| 16 | Braakliggend (onbegroeid) | 489 | 0,8 | |
| 17 | Water | 534 | 0,9 | |
| 18 | Moeras | 31 | 0,1 | |
| 19 | Overige graslanden | 3.129 | 5,2 | |
| Groep | Landgebruiksgroep | ha | % | Landgebruiksklassen |
| A | Woonzone/(sub)urbane ruimte | 10.337 | 17,3 | 1, 2, 3, 4, 9 |
| B | Rurale open ruimte (vnl. landbouw) | 41.739 | 69,7 | 6, 7, 8, 10, 13, 14, 15, 16, 19 |
| C | Bos | 4.329 | 7,2 | 12 |
| D | Transportinfrastructuur | 2.916 | 4,9 | 5 |
| E | Water | 565 | 0,9 | 17, 18 |
De sterke dominantie van landbouw is goed te verklaren door de bijzondere geschiktheid van de dominante lemige en kleiige bodems (zie sectie 1.7).
Regelmatige opnamen van het landgebruik vormen een waardevol beleidsinstrument. Voor Vlaanderen zijn opnames beschikbaar uit 2001 en 2022, waarvan de situatie in 2001 is weergegeven in Kaart 13.

(AANDACHT: om de kaart te bekijken of downloaden in hogere resolutie, klik op de kaart)
In theorie kunnen beide opnamen met elkaar vergeleken worden om veranderingen in het landgebruik in kaart te brengen. Een eerste blik op Kaart 12 (2022) en Kaart 13 (2001) suggereert een forse uitbreiding van geürbaniseerde zones ten koste van landbouw- en andere rurale gebieden.
Maar hoe betrouwbaar is die indruk? Deze discussie is het onderwerp van Kader 4.
KADER 4. Verandering van landgebruik in de Vlaamse Ardennen (2001-2022): waarom vergelijkingen op basis van satellietbeelden voorzichtigheid vergen
Een eerste obstakel is dat de twee kaarten, hoewel ze op vergelijkbare classificaties gebaseerd zijn, gebruik maken van verschillende kaarteenheden. Een zinvolle vergelijking vergt dus een harmonisatie van de kaarten, waarbij beide opnamen worden heringedeeld in eenzelfde set klassen. Dat is technisch mogelijk, maar gaat ten koste van detail: de harmonisatie resulteert in slechts vijf brede gemeenschappelijke landgebruiksgroepen ((zie Figuur 12 en kaarten 14 en 15).


(AANDACHT: om de kaart te bekijken of downloaden in hogere resolutie, klik op de kaart)

(AANDACHT: om de kaart te bekijken of downloaden in hogere resolutie, klik op de kaart)
Die vereenvoudiging maakt vergelijking mogelijk, maar leidt tot een aanzienlijk verlies aan specifieke informatie. Toch bevestigt een visuele inspectie van de geharmoniseerde kaarten 14 en 15 de eerste indruk: een duidelijke uitbreiding van woonzones en (sub)urbane ruimte, en een opvallende toename van transportinfrastructuur, vooral ten koste van de rurale open ruimte. Ook de cijfers in Tabel 6 lijken die evolutie te ondersteunen:
Tabel 6. Vergelijking van het landgebruik in de Vlaamse Ardennen op basis van satellietbeelden
| Klasse | Landgebruiksgroep | % in 2001 | % in 2022 | Verandering (%) |
| 1 | Woonzone/(Sub)urbane ruimte | 7,9 | 17,3 | +9,3 |
| 2 | Rurale open ruimte (vnl. Landbouw) | 87,6 | 69,7 | -17,9 |
| 3 | Bos | 3,5 | 7,2 | +3,8 |
| 4 | Transport infrastructuur | 0,6 | 4,9 | +4,3 |
| 5 | Water | 0,4 | 0,9 | +0,5 |
Kaart 16 vat deze veranderingen samen in een ruimtelijk beeld.

(AANDACHT: om de kaart te bekijken of downloaden in hogere resolutie, klik op de kaart)
Maar zijn deze cijfers realistisch?
Een verlies van bijna 18% aan landbouwruimte over slechts twintig jaar lijkt onwaarschijnlijk. Zeker, er was verstedelijking, uitbreiding van lintbebouwing, verharding van erven, serres en stallen, en een gedeeltelijke overgang van graslanden naar bos of natuurbeheer. Toch geven officiële statistieken[1], gebaseerd op kadastrale en landbouwgegevens, voor heel Vlaanderen slechts een daling van 2,5 tot 3% weer over dezelfde periode.
Ook de toename van woonzones en infrastructuur lijkt aan de hoge kant. Alleen de groei van het bosareaal (+3,8%) sluit aan bij gekende trends, zoals spontane verbossing van braakliggende graslanden en gerichte aanplantingen in natuurprojecten.
De werkelijke verklaring ligt elders: het gaat om een methodologisch artefact, veroorzaakt door het gebruik van satellietbeelden met verschillende ruimtelijke resolutie. De opnamen uit 2001 zijn gebaseerd op Landsat 7-ETM+ beelden met een resolutie van 30 meter, terwijl die van 2022 gebruik maken van Sentinel-2 beelden met 10 meter resolutie.
Op de oudere Landsat-beelden zijn kleinschalige elementen – typisch voor de Vlaamse Ardennen – zoals alleenstaande gebouwen, bomenrijen, landwegen en kleine bospercelen nauwelijks zichtbaar. Ze verdwijnen in de dominante klasse, wat leidt tot een overschatting van de rurale open ruimte.
De recente Sentinel-2 beelden brengen dit fijnmazige landschap wel duidelijk in beeld: tuinbouw, infrastructuur, bermen, bebouwing, bosjes en braakland worden accurater herkend, waardoor het aandeel van de rurale ruimte realistischer – maar dus lager – wordt ingeschat. Dat verschil wordt mooi geïllustreerd in een detailvergelijking van een gebied tussen Etikhove, Nukerke en Louise-Marie (Figuur 13 en 14).
[1] https://vilt.be/nl/nieuws/landbouw-beslaat-45-van-de-totale-grondoppervlakte-in-vlaanderen

(gebaseerd op interpretatie van Landsat ETM+)

(gebaseerd op interpretatie van Sentinel-2)
Hier is in 2022 duidelijk meer bebouwing, infrastructuur en bos zichtbaar dan in 2001, hoewel die in werkelijkheid niet sterk zijn toegenomen. Het verschil is grotendeels te wijten aan de fijnere resolutie van de Sentinel-beelden.
Conclusie
Het ogenschijnlijk extreme verschil in landgebruik tussen 2001 en 2022 is grotendeels te verklaren door het verschil in ruimtelijke resolutie (30 m vs. 10 m) en in classificatiemethoden. De vaak toegepaste “pansharpening” om de Landsat-beelden op te krikken tot 15 meter verandert daar niets fundamenteels aan: de hogere resolutie is optisch, maar voegt geen nieuwe ruimtelijke informatie toe.
Dit betekent niet dat er helemaal geen verandering is in het landgebruik: er zijn wel degelijke dalende en stijgende trends in het landgebruik, doch minder uitgesproken dan de vergelijking van satellietbeelden met verschillende resolutie doet vermoeden.
1.6.2. Bossen en biodiversiteit
De Vlaamse Ardennen vormen een landschappelijk groene regio, maar dat vertaalt zich niet in een hoog aandeel bos. In vergelijking met andere Vlaamse regio’s, zoals de Kempen met haar grote aaneengesloten bossen, is het bosbestand in de Vlaamse Ardennen met ongeveer 7% relatief schaars, verspreid en onder het Vlaams gemiddelde van ongeveer 11%. Het groen karakter komt veeleer van de typische mozaïeklandschappen, met kleine landschapselementen zoals hagen, houtkanten, boomrijen, holle wegen en kleine perceeltjes die afwisselen met grote open ruimten. Grotere boskernen zoals het Kluisbos, Brakelbos, en Muziekbos zijn relatief beperkt.
Hoewel altijd een minderheidslandgebruik, toont de recente geschiedenis (1775-2022) een vrij dynamisch beeld van het bosareaal (zie Kaart 17 en tabel 7). Rond 1775 was er – zelfs rekening houdend met de onnauwkeurigheden van de toenmalige Ferrariskaarten – nog een aanzienlijk bosbestand, 75 jaar later was dit herleid tot 7%, en tegen 1940 bleef nog slechts 5% over. Sindsdien is het bosareaal opnieuw significant toegenomen tot het niveau van 1850.

(AANDACHT: om de kaart te bekijken of downloaden in hogere resolutie, klik op de kaart)
Tabel 7. Gekarteerde bosarealen tussen 1775 en 2000
| Jaar | hectare | % |
| 1775 | 7.563 | 12,6 |
| 1850 | 4.218 | 7,0 |
| 1940 | 3.032 | 5,1 |
| 1990 | 3.437 | 5,7 |
| 2000 | 3.479 | 5,8 |
| 2022 | 4.329 | 7,2 |
Biologische waardering
Dankzij het afwisselende reliëf, de overgang tussen zandleem- en leemstreken, en de aanwezigheid van bronnen en beekvalleien herbergt de regio een rijke verscheidenheid aan habitattypes. Zo komen er bronbossen, hellingbossen, eiken-berkenbossen, natte graslanden, heide en houtkanten voor – elk met een hoge natuurwetenschappelijke waarde[1].
Kleine landschapselementen van hoge kwaliteit, zoals holle wegen, houtkanten, hoogstamboomgaarden en poelen, vormen cruciale structuren voor de biodiversiteit. Ze bieden leefgebied aan tal van gespecialiseerde planten en dieren, waaronder soortenrijke vegetaties, amfibieën en vleermuizen.
[1] Bron: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/aanduidingsobjecten/10393
Daarnaast telt het gebied, op basis van Natura 2000-gegevens, twaalf beschermde habitattypes waarvoor instandhoudingsdoelen zijn vastgelegd op het vlak van oppervlakte en ecologische kwaliteit. De erkenning van de Vlaamse Ardennen als Landschapspark versterkt deze ambitie, met concrete programma’s voor bosaanplant, het herstel van holle wegen en het herstel van waterlopen.
De Vlaamse Ardennen scoren dan ook hoog op het vlak van biologische waarde, vooral wat betreft habitatdiversiteit en het behoud van kleine landschapselementen. Deze waarde wordt visueel weergegeven op de Biologische Waarderingskaart (Kaart 18), die gebaseerd is op vegetatie, bodemkenmerken en landschapselementen.

(AANDACHT: om de kaart te bekijken of downloaden in hogere resolutie, klik op de kaart)